Financiële situatie NBB ronduit DRA-MA-TISCH

Op 22 juni vergadert de Algemene Ledenvergadering van de NBB in Almere. De stukken die op tafel liggen, zijn nog dramatischer dan dramatisch. Het zittende bestuur stevent met het huidige wanbeleid met een snelheid waaraan Usain Bolt een puntje zou kunnen zuigen af op het faillissement van de bond. In de accountantsverklaring bij de jaarrekening staat letterlijk: “Deze condities duiden op het bestaan van een onzekerheid van materieel belang op grond waarvan gerede twijfel zou kunnen bestaan over de continuïteitsveronderstelling van de entiteit.”

Ook de financiële vergaderstukken van penningmeester Martin Groot wemelen van het verhullend taalgebruik. Zo wordt de “afwijking” ten opzichte van de begroting over 2012 becijferd op 727.517 euro. Het tekort over 2012 bedraagt 702.477 euro. Had de NBB op 31 december 2011 nog een negatief eigen vermogen van 126.312 euro; een jaar later is dat negatief eigen vermogen dus gegroeid tot 828.788 euro!!!

Die “financiële feiten” worden door Groot in zijn begeleidend schrijven “betreurenswaardig” genoemd.

De tekorten over het boekjaar 2012 zijn opgebouwd uit zes blokken, waarvan één de veelzeggende titel ‘Algemeen’ draagt, groot 152.000 euro. Alleen in de juridische paragraaf (waaraan welgeteld tien regels worden besteed) wordt melding gemaakt van twee levensgrote personele problemen, die de bond veel geld kosten. Zowel het wegsturen van rolstoelbondscoach Hans Bais als directeur Jan-Wim Stals kost de NBB veel geld. Bovendien heeft het bestuur in het geval van Stals op alle fronten bakzeil moeten halen. Om het dienstverband van Stals definitief te beëindigen, zoals het bestuur zich volgens de stukken voor 2013 heeft voorgenomen, zal men andermaal fors geld over de balk moeten smijten.

De gigantische tekorten vloeien voor het overgrote deel rechtstreeks voort uit faliekant verkeerde beleidsbeslissingen en komen naast personele problemen vooral neer op fors lagere inkomsten uit subsidieregelingen. Zo is vast een voorziening getroffen van 70.000 euro voor het geval het ministerie van VWS niet volledig over de brug komt in de dekking van de kosten die voor het Wereldkampioenschap van meisjes onder 17 jaar zijn gemaakt.

Daarnaast is voor 140.000 euro ‘niet gerealiseerde subsidieprojecten’ opgevoerd. Personeel dat op die projecten werd ingezet, moest uiteraard wel worden betaald.

De topsportprogramma’s van de NBB zorgen gezamenlijk voor een gat van 266.000 euro in de jaarrekening van de NBB.

Voor de duidelijkheid: voorzitter Francisca Ravestein werd op de vergadering van 13 februari 2010 (!) gekozen tot voorzitter van de NBB. Zij is dus al ruim drie jaar verantwoordelijk voor het bestuursbeleid en kan zich niet meer achter het argument van het voortdurend vallen van lijken uit kasten verschuilen. Zoveel kasten zijn er namelijk niet in Nieuwegein op het bondsbureau.

Maar Martin Groot (die zelf als penningmeester eind 2012 werd aangesteld) schrijft namens het bestuur (en dus ook namens voorzitter Ravestein): “Tijdens de samenstelling van deze jaarrekening bleek dat de financiële situatie nog veel ernstiger is dan wij wisten en konden vermoeden.”

Het Levens Grote Gevaar schuilt er daarom in dat mevrouw de voorzitter met haar wanbeleid de Algemene Vergadering overleeft. Rayon Oost heeft immers bestuurslid Fred van Urk aan het pluche mogen leveren, terwijl Rayon Zuid zich comfortabel waant met de positie van de eveneens recentelijk aangetreden Cees Spitters. En bestuurslid juridische zaken Jelle Witvoet weet ongetwijfeld wel raad met ‘zijn’ Rayon West.

Hoe liederlijk dramatisch de jaarrekening ook is, als het op 22 juni in Almere op koppen tellen aankomt, dan valt te vrezen dat de bodem van de gifbeker voor het Nederlandse basketball nog lang niet in zicht is…

Deel!