Een monument is 80 geworden: Rinus de Jong

Vandaag viert Rinus de Jong zijn tachtigste verjaardag. De Jong mag gerust worden gezien als het historisch fundament onder de successen van het Bossche basketball, maar zijn invloed in de basketballwereld reikte veel verder dan uitsluitend de Brabantse hoofdstad.

De Nederlandse sportwereld in het algemeen en de Nederlandse basketballwereld in het bijzonder loopt niet over van huldeblijken aan mensen die een betekenisvolle en blijvende bijdrage hebben geleverd aan het succes van de sport in ons land. Het bestuur van de Nederlandse Basketball Bond staat met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid vandaag niet met een bos bloemen op de stoep in het Belgische Hertentals, waar Rinus de Jong tegenwoordig woont.

Dan maar een ‘schriftelijke bos bloemen’!

Rinus de Jong behoort tot een select groepje bestuurders met visie dat de sport in Nederland daadwerkelijk vooruit heeft geholpen. In het geval van De Jong ging dat met name in zijn langdurige Bossche periode gepaard met internationaal aansprekende successen. Kundige bestuurders (Jan Loorbach, Jan Berteling, Dick Schmüll) heeft het Nederlandse basketball voldoende voortgebracht, slechts zelden ging dat samen met de Grote Successen die Rinus de Jong onze sport cadeau deed. Hij was per slot van rekening de strateeg achter het stralende huwelijk tussen EBBC en sponsor Nashua. De Jong was de visionair die Kees Akerboom uit Haarlem haalde, De Jong was de visionair die de coachcarrière van Ton Boot een vliegende start liet nemen, De Jong was het brein op de achtergrond die EBBC naar de top van Europa stuwde.

Mart Smeets en Rinus de Jong treffen elkaar tijdens de Rinus de Jong Invitational (Foto: Christian Aarts)

In 1979 werd in de geschiedenis van het Nederlandse clubbasketball een hoogtepunt bereikt, toen EBBC in de finale van de Europa Cup II tegenover de Italianen van Gabetti Cantu kwam te staan. In het Joegoslavische Porec beten de Bosschenaren in het zand, maar het was een ongekende prestatie voor een club die in betrekkelijk kort tijdsbestek door Rinus de Jong was gereorganiseerd en getransformeerd.

Rinus de Jong speelde zelf in de jaren vijftig en zestig in Rotterdam bij Arrows. Hij was een dominante, Rotterdamse center in een tijdsgewricht dat vrijwel volledig door het Amsterdamse basketball werd gedomineerd. In 1956 debuteerde hij tegen België in het Nederlands team. Rinus de Jong zou 18 keer het shirt van Oranje dragen.

In zijn auto ligt één foto. Een basketballfoto. Gemaakt voor de interland tegen Luxemburg op 28 oktober 1956. Het is de enige wedstrijd in de historie van het Nederlands team dat er van Luxemburg werd verloren. De bondscoach voor één dag Tan Eng Hau was zo begeesterd van de lengte van de Nederlanders dat hij Rinus de Jong met vier andere centers het veld in stuurde…

In 1965 stapte Rinus de Jong als speler over naar Den Bosch. In het seizoen 1972-1973 zat hij bij EBBC als coach op de bank. Het inzicht dat in dat seizoen ontstond, bleek een goudmijn voor het Nederlandse basketball. Rinus de Jong kwam in dat seizoen tot de conclusie dat hij beter achter de schermen aan de opbouw van de club kon gaan werken. In rap tempo verzamelde hij competente mensen om zich heen, zoals zijn vriend Jan Janbroers, die hij de coaching voor zijn rekening liet nemen. En hij had Nel, zijn vrouw, die altijd als klankbord fungeerde.

Rinus de Jong dacht niet in het klein. Hij onderkende de mogelijkheden van de sport in Nederlanden en bouwde in het veredelde Bossche gymzaaltje ‘Vinkenkamp’ aan een Europese topploeg. Het was het intellect van Rinus de Jong dat Den Bosch, Kees Akerboom, Ton Boot en Huub van den Boogaard (de grote baas van Nashua) samenbracht. Maar ook karakterspelers als Dan Cramer, Al Faber, Jan Dekker, Rob van Essen, Jos Kuipers, Jelle Esveldt en zelfs Mitchell Plaat.

Eerst in de Vinkenkamp, later in de Maaspoort mocht het Nederlandse basketballpubliek zich komen vergapen aan de internationale top. Ploegen als Barcelona en Maccabi Tel Aviv kregen er regelmatig stevig van langs.

De landskampioenschappen regen zich intussen aaneen. Nadat Parker Leiden het landskampioenschap in de eerste editie van de play-offs (1978) voor zich opeiste, ging de titel in de daaropvolgende tien seizoenen negen keer naar het Den Bosch van Rinus de Jong. Dat Den Bosch op de lijst van bekerwinnaars nauwelijks voorkomt, is simpel te verklaren uit het feit dat eredivisieploegen destijds niet aan het bekertoernooi deelnamen.

In Herb Rudoy bezat Rinus de Jong de connectie met een spelersmakelaar die zorgde dat Den Bosch over de beste Amerikanen kon beschikken. In de Europa Cupploeg van 1978 speelden Charles ‘Buffie’ Kirkland (remember de dunk in de halve finale tegen Sinudyne Bologna…) en James Lister (volledig aan lager wal geraakt en inmiddels al overleden). Later kwamen spelers van het kaliber Paul Thompson. Wat De Jong bracht, was kwaliteit.

Hij had bovendien een open oog voor wat er om hem heen gebeurde. Rinus de Jong zag in dat een Mickey Mousecompetitie voor zijn sterke EBBC geen goede voedingsbodem zou zijn. Hij betaalde dan ook de nodige Amerikanen in de competitie om het niveau enigszins op peil te houden. In Oud Beijerland en in Delft zette De Jong Amerikanen neer die de nationale competitie interessant moesten houden. Met zijn aartsrivaal Parker Leiden zat hij om tafel om afspraken te maken. De kranten in die dagen puilden uit van het basketball: voorbeschouwingen van een hele pagina op competitiewedstr5ijden of Europese duels waren eerder regel dan uitzondering. Mart Smeets en Jack van Gelder begeleiden met hun stemmen de gang naar de Europese top per strekkende meter. Om de basketballcompetitie in Nederland kon niemand heen.

Toch was ‘competitie’ nou net het onderdeel van het spel waarmee Rinus de Jong soms maar moeilijk kon omgaan. Wanneer het spannend werd, ging De Jong – blazend en puffend en steunend – op het parkeerterrein van de Vinkenkamp in zijn auto zitten, zette de autoradio aan en liet zich via Langs de Lijn en Jack van Gelder op de hoogte houden hoe het zijn team een paar meter verderop verging.

Het vertrek van Huub van den Boogaard en uiteindelijk sponsor Nashua luidde de teruggang van de hegemonie van EBBC in. Rinus de Jong werd zelf het slachtoffer van zeer ernstig verkeersongeluk, toen hij met zijn auto in de dichte mist op een vrachtwagen klapte. Ook in de privésfeer kreeg de preses van EBBC het zwaar te verduren. Maar hoe moeilijk hij het soms ook had, zijn bloed kroop toch altijd weer naar het basketball.

Na zijn vertrek als bestuurslid uit Den Bosch begon zijn eerste liefde Rotterdam aan hem te trekken. De Jong woonde in die dagen aan de Rotterdamse Maasboulevard. Hij stapte aan boord bij Rotterdam Basketball, maar bleef ook altijd op de achtergrond met raad en daad voor Den Bosch klaar staan.

In Den Bosch werd hij aan het einde van het jaar geëerd met de Rinus de Jong Invitational, een jeugdtoernooi met indrukwekkend aanstormend talent. Bij de laatste editie van het evenement werd een reünie van spelers, coaches en journalisten gehouden, waarvoor Dan Cramer en Jan Dekker speciaal uit Amerika waren overgevlogen. Het lijkt erop dat de Rinus de Jong Invitalional dit jaar weer op de kalender terug zal keren.

Rinus de Jong is voor zijn verdiensten Koninklijk onderscheiden. Hij is ook Lid van Verdienste van de Nederlands Basketball Bond. Het erelidmaatschap is hem echter nooit ten deel gevallen. Voor zijn immense betekenis voor de sport in Nederland was dat een onderscheiding die hem vandaag best ten deel had mogen vallen.

J-dus.com feliciteert het levende monument Rinus de Jong met zijn tachtigste verjaardag! Erelid in het diepst van onze gedachten!

Deel!